Close

Noodweerexces

De Strafpleiters weten als geen ander wanneer zij in uw zaak een beroep kunnen doen op noodweerexces oftewel zelfverdediging (in de volksmond) middels een zwaarder middel. Heeft u thuis te maken gehad met een geweldsdelict? Dan heeft u uzelf natuurlijk willen verdedigen. Maar de grenzen van het verdedigen kan ook worden overschreden door het gebruiken van een zwaarder middel, dan het middel dat uw aanvaller op u heeft toegepast. Bijvoorbeeld uw aanvaller slaat u met de blote hand, maar ter noodzakelijke verdediging pakt u een voorwerp. Hier kan dan sprake zijn van noodweerexces. U kunt dan het beste een professionele advocaat van De Strafpleiters inschakelen om u bij te staan en u te helpen. Wij zijn een laagdrempelig en toegankelijk kantoor met advocaten die u daadwerkelijk willen helpen.


Onze advocaten helpen u graag bij het vormgeven van uw beroep op noodweerexces

Een geweldsdelict meemaken is niet prettig. Het is logisch dat u uzelf heeft proberen te verdedigen, maar dit kan ook teveel zijn en dan kunt u te maken krijgen met noodweerexces. Noodweerexces is aan de orde wanneer de grenzen van de noodzakelijke verdediging worden ontstegen. Wilt u graag weten wat een geweldsdelict inhoudt? Het verzamelwoord geweldsdelicten wordt vaak gebruikt in de volksmond, maar om welke delicten gaat het dan eigenlijk? Geweldsdelicten bevatten altijd het element: ‘geweld’. Om wat specifieker te zijn, moet u denken aan:

  • Bedreiging (art. 285 Sr)
  • Mishandeling (art. 300 Sr)
  • Openlijke geweldpleging (art. 141 Sr)
  • Vernieling (art. 350 Sr)
  • Doodslag (art. 287 Sr)
  • Moord (art. 289 Sr)


Een combinatie van delicten

Een geweldsdelict kan ook in combinatie met een ander soort delict gepleegd worden. Denk hierbij aan een gewapende overval, hetgeen vaak juridisch wordt gekwalificeerd als diefstal met geweld. Al deze delicten betreffen misdrijven waarvoor voorlopige hechtenis is toegestaan. De meeste geweldsdelicten worden bestraft met een (on)voorwaardelijke gevangenisstraf of (on)voorwaardelijke taakstraf. Een geldboete is ook mogelijk, maar dat is geheel afhankelijk van de ernst van het feit alsmede de persoonlijkheid van de verdachte. Zoals hierboven reeds aangekondigd, zijn er diverse geweldsdelicten die een nadere toelichting behoeven.


Het bedreigen van mensen

Bedreiging behoeft niet al te veel uitleg. Voor de meeste mensen is het wel duidelijk wat onder bedreiging wordt verstaan. Juridisch gezien ligt dit soms wel anders. Niet in alle gevallen is er juridisch gezien sprake van een bedreiging. Als advocaat valt er dus zeer goed verweer tegen een dergelijke verdenking te voeren, als u maar zorgt dat u in een zo vroeg mogelijk stadium De Strafpleiters benaderd!

Op de hoogte zijn van de bedreiging

Als we kijken naar het wetsartikel, art. 285 Wetboek van Strafrecht (Sr), en de jurisprudentie, dan is vanzelfsprekend in onze ogen vereist dat de bedreigde persoon daadwerkelijk op de hoogte is geraakt van de bedreiging (vgl. HR 10 februari 2009, LJN BG6562). Daarnaast moet de bedreiging van zodanige aard zijn, gezien de omstandigheden waarin deze geschiedde, dat bij de bedreigde persoon in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat hij of zij het leven zou kunnen verliezen (vgl. HR 7 juni 2005, LJN AT3659). Hierbij is de context waarbinnen de uitlatingen zijn gedaan van groot belang, want niet iedere emotionele ontlading is geëigend om vrees op te wekken. Zo heeft het Hof Arnhem al eerder beslist dat het niet zo kan zijn dat elke onbeheerste uiting van woede, enkel vanwege de laakbare woordkeuze, kan worden aangemerkt als bedreiging bedoeld in art. 285 Sr. (LJN AS5050). Uitgangspunt van de Hoge Raad is dat niet is vereist dat de bedreiging in concrete gevallen een zodanige indruk heeft gemaakt dat er vrees is opgewekt dat de bedreiging geëffectueerd zal worden (LJN AN9309). De Hoge Raad heeft o.a. geoordeeld dat de bewoordingen: “bedankt voor die 8 jaren en als ik vrij kom, dan ga ik je als eerste pakken” onvoldoende is voor een bewezenverklaring voor bedreiging is (LJN AT3659). Ook de bewoordingen “fuck you, ik gooi een handgranaat” van een verdachte in een observatiecel tegen de politie achtte de Hoge Raad geen bedreiging gezien de context waarin deze uitlatingen zijn gedaan (LJN AV4191). Zo zijn er nog tal van dit soort uitspraken te vinden.

Op tijd een verdedigingsstrategie maken

Het is dus van groot belang om bij een uitnodiging van de politie om op verhoor te komen, maar ook als u gedagvaard bent om bij de politierechter te verschijnen, contact met ons op te nemen! In dit soort zaken dient immers te worden voldaan aan het bewijsminimum ex art. 342 lid 2 Sv. De gedane aangifte dient dan wel ondersteund te zijn door bijvoorbeeld een getuigenverklaring. Hoe eerder u ons benadert, des te beter wij de verdedigingsstrategie samen met u kunnen bepalen!


Meerdere varianten van mishandeling

Mishandeling is in de wet strafbaar gesteld in art. 300 Wetboek van Strafrecht (Sr). Dit betreft slechts de eenvoudige mishandeling. Er bestaan namelijk meerdere varianten van mishandeling. Zo kan iemand ook vervolgd worden voor mishandeling met voorbedachten rade (art. 301 Sr), zware mishandeling (art. 302 Sr), zware mishandeling met voorbedachten rade (art. 303 Sr) en mishandeling met een terroristisch oogmerk (art. 304a/b Sr). Daarnaast zijn er in art. 304 Sr ook strafverzwarende omstandigheden opgenomen indien de mishandeling is gericht tegen bepaalde specifieke personen zoals een echtgenoot, partner, eigen kind, moeder, vader en een ambtenaar in functie.


Bewijs is essentieel

Het bewijs van mishandeling wordt door rechters aangenomen op basis van een aangifte en een medische verklaring en/of letsel. Ook een getuigenverklaring zal uiteraard als bewijs kunnen worden meegenomen. Van belang is om altijd goed te bekijken of het hetgeen u wordt verweten ook past bij het geconstateerde letsel. Kan het letsel mogelijk ook door iets anders zijn veroorzaakt? Of bestond het vastgestelde letsel al voorafgaand aan het incident? Leg u dus niet zomaar neer bij een beschuldiging van mishandeling en al helemaal niet als er sprake is van noodweerexces en schakel De Strafpleiters zo spoedig als mogelijk in voor gespecialiseerde rechtsbijstand in uw zaak!


Openlijke geweldpleging

Het woord openlijke geweldpleging komt met regelmaat voor in het nieuws. Het wordt gebruikt als er sprake is geweest van een vechtpartij in een café of op straat, maar ook bij voetbalwedstrijden. Wat betekent het nu precies en is het inderdaad zo: ‘je was erbij, dus….’? Openlijke geweldpleging wordt in art. 141 Sr omschreven als het openlijk in vereniging plegen van geweld tegen personen of goederen. Het gaat dus om zowel geweld tegen personen als tegen goederen. Denk hierbij aan voetbalsupporters of uitgaand publiek die een spoor van vernieling achterlaten na een verloren voetbalwedstrijd of na het teveel nuttigen van alcohol. Overduidelijk is dat het moet gaan om minimaal twee personen, anders is het niet mogelijk om in vereniging geweld te plegen. Daarnaast moet het plegen van geweld in het openbaar plaatsvinden. De vraag is uiteraard in hoeverre u hiervoor veroordeeld kunt worden, als u bij een groep hoort maar zelf geen enkele geweldshandeling heeft verricht?

Wanneer is er sprake van openlijke geweldpleging?

In de jurisprudentie is bepaald dat iedere verdachte een significante/wezenlijke bijdrage moet hebben geleverd aan het geweld. Het enkele feit dat u deel uitmaakt van een groep, de zogenoemde getalsmatige versterking, is onvoldoende voor openlijke geweldpleging. Wel is het meegaan met een groep relschoppers en meegaan met de aanvalsgolf voldoende. Ditzelfde geldt voor het meegaan met een groep geweldplegers en andere personen wegduwen. Ook verbale uitlatingen, zoals het aanmoedigen van geweldplegers, zijn voldoende voor een veroordeling voor openlijke geweldpleging. De vereiste significante/wezenlijke bijdrage wordt al snel aangenomen door rechters en om die reden is gespecialiseerde rechtsbijstand door De Strafpleiters noodzakelijk. Probeer in een zo vroeg mogelijk stadium contact met ons op te nemen, zodat wij samen de verhoorstrategie voorafgaand aan het politieverhoor én de verdedigingsstrategie kunnen bepalen!

Vernieling

Natuurlijk is ook vernieling een strafbaar feit. Art. 350 Sr beschrijft dat het strafbaar is om een goed van een ander te vernielen, te beschadigen, onbruikbaar te maken of weg te maken. Dit moet uiteraard wel opzettelijk gebeuren. Het per ongeluk omstoten van een vaas is uiteraard niet strafbaar. De omstandigheden van het geval zullen leidend zijn voor het wel of niet aannemen van het opzet. Het juridische begrip opzet is anders dan het begrip opzet in het taalgebruik. Het opzet kent verschillende vormen en bij vernieling gaat het om voorwaardelijk opzet. Voorwaardelijk opzet is het bewust aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat het gevolg zal intreden. Hierin zit dan ook het belangrijkste verweer. Juridisch geneuzel, maar De Strafpleiters kunnen u hierin bijstaan en het begrijpelijk maken voor u! Wij gebruiken geen onnodig moeilijke termen en praten niet uit de hoogte.


Iemand van het leven beroven door middel van doodslag

Doodslag is simpelweg het opzettelijk een ander van het leven beroven. Dit is strafbaar gesteld in art. 287 Sr. Hier komt, net als bij de vernieling, het juridische opzet weer naar boven. Ook bij doodslag is voorwaardelijk opzet voldoende. Doodslag kan dus worden bewezen indien iemand niet de bedoeling had om een ander te doden, maar zich wel realiseerde dat dit kon gebeuren en dit risico desondanks toch heeft genomen. Wederom een juridische puzzel waar u in kunt belanden, maar De Strafpleiters maken het duidelijk en inzichtelijk voor u! Doodslag betreft een serieuze verdenking met een maximale gevangenisstraf van 15 jaar! Maak dus gebruik van gespecialiseerde rechtsbijstand van De Strafpleiters! Naast doodslag bestaat ook nog de pogingsvariant. Een poging tot doodslag wordt heel snel genoemd door politie en justitie, maar hier zijn echt ontzettend veel verweren tegen te voeren. Van belang hierbij is uiteraard om dit direct goed aan te pakken tijdens het prille begin van uw strafzaak, te weten de eventuele aanhouding door de politie én het eerste politieverhoor! Gespecialiseerde rechtsbijstand is dan ook ten zeerste aan te raden!


Het plegen van een moord

Het plegen van een moord is een veelvoorkomende term in het nieuws. In onze wet is dit opgenomen in art. 289 Sr. Bij moord is het juridische opzet ook gericht op het om het leven brengen van iemand, alleen onderscheidt het zich toch van doodslag op één specifiek cruciaal punt: de voorbedachten rade. Een heel lastig te bewijzen punt voor de officier van justitie. De Hoge Raad heeft zich in november 2012 (ECL:NL:HR:2012:BY0094) uitgelaten over hoe de voorbedachten rade dient te worden beoordeeld. De Hoge Raad heeft bepaald dat voor een bewezenverklaring van de voorbedachten rade dient te worden vastgesteld dat een verdachte zich gedurende enige tijd heeft kunnen beraden op het nemen of het genomen besluit om iemand van het leven te beroven. De verdachte moet dus niet gehandeld hebben in een ogenblikkelijke gemoedsopwelling, maar moet de gelegenheid hebben gehad om na te denken over de gevolgen van de voorgenomen daad. De achtergrond van het vereiste dat de verdachte de gelegenheid heeft gehad na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap te geven, is dat ingeval vaststaat dat de verdachte die gelegenheid heeft gehad, het redelijk is aan te nemen dat de verdachte gebruik heeft gemaakt van die gelegenheid en dus daadwerkelijk heeft nagedacht over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daarvan rekenschap heeft gegeven (ECLI:NL:HR:2013:963). Daarna komt de planmatige invulling van de tijdspanne tussen het besluit en de uitvoering en/of het treffen van voorbereidingshandelingen. En tot slot de uitvoering oftewel de moord.

Moord met voorbedachten rade

Wanneer aan deze elementen wordt voldaan, kan worden gezegd dat het zeer aannemelijk is dat de verdachte in het tijdsverloop tussen het nemen van dat besluit en de uitvoering daarvan daadwerkelijk heeft nagedacht over en zich rekenschap heeft gegeven van de betekenis en de gevolgen van de voorgenomen daad. Uiteraard is alles weer afhankelijk van de omstandigheden van het geval in het specifieke strafdossier. Enkele voorbeelden uit de praktijk waarbij er geen voorbedachten rade is aangenomen:

  • Kort tijdsbestek: ECLI:NL:HR:2013:1111, ECLI:NL:HR:2014:16, ECLI:NL:HR:2014:17, ECLI:NL:HR:2014:294, ECLI:NL:HR:2014:1500, ECLI:NL:HR:2014:1561
  • Hevige gemoedsbeweging: ECLI:NL:HR:2014:347, ECLI:NL:HR:2015:3426
  • Onduidelijkheid over de toedracht (moment van voornemen en hevige gemoedsbeweging): ECLI:NL:HR:2014:2669, ECLI:NL:HR:2014:2761
  • Onduidelijkheid over de toedracht (tijdsbestek): ECLI:NL:HR:2015:93, ECLI:NL:HR:2015:122, ECLI:NL:HR:2015:535, ECLI:NL:HR:2016:1411

Enkele voorbeelden uit de praktijk waarbij er wel voorbedachten rade is aangenomen ingeval van een extreem lang tijdsbestek:

  • ECLI:NL:HR:2015:3167
  • ECLI:NL:HR:2015:204
  • ECLI:NL:HR:2014:3147
  • ECLI:NL:HR:2014:528
  • ECLI:NL:HR:2013:1113
  • ECLI:NL:HR:2013:BZ2942
  • ECLI:NL:HR:2013:BY5679

De Strafpleiters weten als geen ander hoe hiermee om te gaan en u stapsgewijs in een dergelijke procedure te begeleiden. Zoals al eerder aangegeven is het van belang om ons in een zo vroeg mogelijk stadium in te schakelen, bij voorkeur dus voorafgaand aan uw aanhouding of uitnodiging voor een politieverhoor! Dit geeft De Strafpleiters de gelegenheid om uw verdediging zo goed als mogelijk neer te zetten! Wij hebben al meerdere zaken succesvol afgerond. Wanneer u onze advocaten wilt inschakelen, kunt u deze advocaten direct bereiken op hun mobiele telefoonnummers zonder tussenkomst van derden.


Tips & tricks

  • Indien u verdacht wordt van een geweldsmisdrijf, laat u dan altijd bijstaan door een gespecialiseerde strafrechtadvocaat van De Strafpleiters.
  • Zolang u geen strafrechtadvocaat heeft gesproken voorafgaand het politieverhoor, maak dan gebruik van uw zwijgrecht ex art. 29 Sv.
  • Praat absoluut met niemand totdat u een gespecialiseerde strafrechtadvocaat heeft gesproken.
  • Let op met het gebruik van WhatsApp, Messenger, Instagram, Twitter, Facebook, e-mail, etc. Dit zijn de meest eenvoudige bewijsmiddelen die de politie in uw strafzaak kan verzamelen en tegen u kan gebruiken!
  • Bespreek met een advocaat altijd de verdedigingsstrategie.
  • Luister naar uw gespecialiseerde advocaat! Zij zijn er om uw belangen te behartigen.

Maak gebruik van onze expertise!

Bent u een verdachte van een van de eerder genoemde delicten? Maak dan gebruik van de expertise van onze advocaten. U kunt eenvoudig uw zaak aanmelden door het sturen van een e-mail naar info@destrafpleiters.nl. Ook kunt u dit via onze website doen. Ook wanneer u onze hulp nodig heeft bij andere zaken, zoals een zedenmisdrijf of als uw kind te maken heeft met het jeugdrecht, kunt u bij ons terecht.

HEBT U EEN ADVOCAAT NODIG?

Wij strijden samen met u!