Close

18 maart 2019

Handelen uit zelfverdediging (noodweer/noodweerexces): hoe werkt dat precies?

Wat nu als u of uw geliefde wordt mishandeld en u slaat terug? Bent u dan ook strafbaar of heeft u het recht om uzelf en/of een ander te verdedigingen? Een veel gestelde vraag waar De Strafpleiters een duidelijk en simpel antwoord op hebben.

Wat in de volksmond zelfverdediging wordt genoemd, is in de wet terug te vinden als noodweer in artikel 41 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht (Sr):

 “Niet strafbaar is hij die een feit begaat, geboden door de noodzakelijke verdediging van eigen of eens anders lijf, eerbaarheid of goed tegen ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding”.

Om een succesvol beroep op noodweer te kunnen voeren, gelden de navolgende eisen welke door de Hoge Raad zijn samengevat in een overzichtsarrest (ECLI:HR:2016:456):

  1. Het moet gaan om de verdediging van specifieke, limitatieve, in de wet opgesomde rechtsgoederen. In artikel 41 lid 1 Sr staat duidelijk vermeld dat het moet gaan om de verdediging van “lijf, eerbaarheid of goed”. Daarbij kan het gaan om “eigen of eens anders lijf”. Het huisrecht alleen, valt dus niet onder deze rechtsgoederen (Vgl. HR 14 april 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZD1015, NJ 1998/662).
  2. Daarnaast geldt als eis dat het moet gaan om een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding.

Ogenblikkelijk houdt in dat er sprake moet zijn van onmiddellijk dreigend gevaar voor een aanranding. De enkele vrees daarvoor is onvoldoende. In de praktijk lezen wij regelmatig in een dossier dat cliënt heeft verklaard dat de ander op dreigende toon heeft geroepen: “ik ga je slaan”. Dat geeft natuurlijk niet zomaar het recht om eigen rechter te spelen!

Wederrechtelijk houdt in dat er geen wettelijke grondslag bestaat voor de gepleegde handeling. De politie mag bijvoorbeeld rechtmatig dwangmiddelen toepassen. Dit is dan niet wederrechtelijk, want het is bij wet geregeld. U kunt hierbij denken aan gepast geweld gebruiken als iemand het bijv. duidelijk niet eens is met zijn aanhouding (artikel 180 Sr).

  1. De gedraging moet ook geboden zijn door de noodzakelijke verdediging. Heel simpel: de verdediging moet noodzakelijk zijn. Dit wordt vaak ingevuld door de eis van proportionaliteit en de eis van subsidiariteit.
  2. De eis van proportionaliteit en subsidiariteit. Als er geen noodzaak bestaat om uzelf te verdedigingen, dan is niet voldaan aan de subsidiariteiteis. Dit is bijvoorbeeld het geval als iemand simpelweg had kunnen weglopen, dus zich had kunnen onttrekken aan de dreigende situatie, maar dit niet heeft gedaan. Het moet daarbij wel gaan om een reële en redelijke mogelijkheid (Vgl. HR 13 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BK0035). Onttrekking aan de aanranding moet uiteraard wel een reëel alternatief zijn (Vgl. HR 6 oktober 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI3874, NJ 2010/301 en HR 12 juni 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW7944, NJ 2012/380). Bij de verdediging van iemand anders kan het soms geen reële mogelijkheid zijn om uzelf te onttrekken aan de situatie. Naast de subsidiareiteitseis geldt nog de proportionaliteitseis. De verdediging die wordt ingezet moet ook geboden zijn. Deze eis moet ervoor waken dat niet iedere gedraging straffeloos is, in het kader van noodweer. Het verdedigingsmiddel moet in redelijke verhouding staan tot de ernst van de aanranding. Heel simpel: als iemand wordt geslagen met de blote handen of vuist, dan is het met kracht gebruiken van bijvoorbeeld een mes niet in verhouding.

Als aan al deze eisen is voldaan, zal een beroep op noodweer een grote kans van slagen hebben.

Noodweer betreft een rechtvaardigingsgrond, hetgeen de wederrechtelijkheid (onrechtmatigheid) van een gedraging wegneemt. Indien de rechter het beroep op noodweer accepteert, dan wordt er vastgesteld dat er wel een strafbaar feit is gepleegd, maar dat de verdachte niet strafbaar is. Dit zal in beginsel leiden tot een ontslag van alle rechtsvervolging. Bij een mishandeling ligt dit net iets anders. De conclusie zal bij een tenlastegelegde mishandeling ex artikel 300 Sr vrijspraak moeten zijn, omdat dan de mishandeling niet wettig en overtuigend kan worden bewezen. Dit komt omdat in het woordje ‘mishandeling’ de wederrechtelijkheid (onrechtmatigheid/in strijd met de wet) zit ingebakken. Een juridisch verschil waar De Strafpleiters wel raad mee weten!

Naast noodweer bestaat er nog noodweerexces. Noodweerexces kan aan de orde zijn als de grenzen van de noodzakelijke verdediging worden overschreden. Er is dan aan alle eisen van noodweer voldaan, behalve aan de proportionaliteitseis. Kort gezegd: het ingezette verdedigingsmiddel, bijvoorbeeld het gebruik van een mes, staat niet in verhouding tot de ernst van de aanranding, bijvoorbeeld een slag met de blote handen of vuist. Dit kan in sommige gevallen toch verontschuldigbaar zijn, echter moet er dan aanvullend voldaan worden aan één van de navolgende eisen:

  1. Er moet uiteraard sprake zijn van een noodweersituatie, echter dient er eveneens sprake te zijn van handelen vanuit een door die aanranding veroorzaakte hevige gemoedsbeweging. Door die hevige gemoedsbeweging wordt er dus verder gegaan dan geboden was.
  2. Er kan ook een beroep worden gedaan op noodweerexces als er een noodweersituatie bestond, maar deze inmiddels was geëindigd en door de hevige gemoedsbeweging toch verder wordt gegaan dan geboden was. Dit kan het geval zijn dat u blijft doorslaan, terwijl de aanranding dus al geëindigd is.

Zoals u ziet is het ‘recht op zelfverdediging’ niet zo heel eenvoudig in de wet geregeld. Er moeten aan veel eisen worden voldaan, wil een beroep op noodweer worden geaccepteerd. Alles zal uiteraard afhangen van alle omstandigheden van het geval in een specifieke zaak. De Strafpleiters kunnen u hier uiteraard in bijstaan en adviseren. Hieronder nog een aantal van onze inmiddels bekende Tips & Tricks. Doe er uw voordeel mee!

Tips & Tricks

  • Maak niet zonder meer gebruik van uw zwijgrecht, indien u een beroep op zelfverdediging (noodweer) wenst te doen;
  • Schakel altijd een gespecialiseerde advocaat in teneinde de verdedigingsstrategie zo vroeg mogelijk te bepalen en in te zetten;
  • Laat uw letsel altijd fotograferen op het politiebureau of doe dit zelf als uw letsel nog vers is.
  • Indien mogelijk, laat u dan altijd onder behandeling stellen van een arts die het letsel kan constateren en concreet kan omschrijven.